Meer linkse hobby’s?!

De PVV is niet tegen kunst en cultuur, wel tegen subsidie hiervoor. Aldus kamervoorzitter Bosma in 2010. Gemeenschapsgeld hieraan uitgeven, wordt mede hierdoor tegenwoordig betiteld als linkse hobby. En dat is eigenlijk een groot compliment! Want het is vooral een slimme investering en strategisch een sterke keuze.

Dat cultuursubsidies alleen bij theaters en kunstenaars terechtkomen is een hardnekkig misverstand. Onderzoek van de Boekmanstichting laat zien dat iedere euro geïnvesteerd in cultuur gemiddeld €1,50 tot €3,- oplevert voor de lokale economie. Cultuurbezoekers drinken graag koffie, gaan uit eten, overnachten in hotels en winkelen. En het CBS toont aan dat cultuurinvesteringen daarnaast een stijging in leefbaarheid laat zien. Zo vloeit de subsidie naar de bredere economie en gemeenschap (zie rapport Detaillering cultuurlasten gemeenten en provincies, 2023).

Het is ook aantrekkelijker om op een plek te wonen waar veel gebeurt. Een wijk wordt niet gezelliger van alleen bakstenen en parkeerplaatsen. Cultuur zorgt voor reuring, verbondenheid en trots. Het maakt het leven mooier, verbindt en vergroot kansen. Het verkleint eenzaamheid, vergroot mentale weerbaarheid en maakt van een verzameling huizen een gemeenschap. Zoals inspreekster Merle uit Diepenheim het zo mooi zei laatst bij de raadsvergadering: Jongeren willen hier graag blijven wonen, maar er moet wel wat te doen zijn! En dat is precies waar cultuur voor zorgt: een reden om te blijven, of om terug te komen.

Bovendien wordt in de culturele en creatieve sector bij lange na niet alles met subsidies gefinancierd. Ondernemerschap is er volop. Subsidies zijn slechts een zetje dat nodig is om maatschappelijke waarde mogelijk te maken die de markt niet vanzelf organiseert en waar iedereen van profiteert.

Een gemeente zonder cultuur is als een dorp zonder hart. Een gemeente die investeert in cultuur, laat zien dat ze oog heeft voor kwaliteit van leven. Dat trekt niet alleen nieuwe inwoners aan, maar ook bedrijven die op zoek zijn naar een aantrekkelijke vestigingsplaats. Als we tegelijk huishoudens die krap bij kas zitten en jongeren voor weinig laten meedoen, naar voorbeeld van de Rotterdampas, dan kan iedereen hiervan profiteren.

Cultuur is dus een investering in onze toekomst. Laten we koesteren wat we hebben: Theater de Reggehof, Het Beaufort in Markelo, de Diepenheimse Pol, Het Parochiehuis in Delden, buurthuizen, muziekscholen, koren en alle andere culturele pareltjes. En vooral meer: buurthuizen, theater, muziek, kunst en evenementen die onze gemeente levendig en aantrekkelijk maken.

Het is deze linkse hobby die de lijm is voor onze gemeenschap en een motor die onze economie doet draaien.

Eveline Kroes
Lijsttrekker PvdA, GroenLinks, In Beweging

Het verschil dat de 10-jarige Wim, 11-jarige Lars en 15-jarige Merle maken

Stel, je bent 11. En je vindt wat. En je wilt meedoen, meepraten, meedenken. En stel, je heet Lars en je hebt het lef om gebruik te maken van je inspreekrecht als inwoner: dat je vijf minuten krijgt om achter het katheder te gaan staan en live jouw verhaal te doen in de raadzaal tijdens een raadsvergadering. De burgemeester, de wethouders, 25 raadsleden en een bomvolle tribune met publiek kijken je verwachtingsvol aan. Met een camera erop en via de microfoon, want je moet verstaanbaar zijn én het wordt opgenomen, zowel in beeld als geluid, zodat iedereen het ook thuis live kan volgen en later kan terugkijken. Daar sta je dan… Had u het gedurfd toen u 11 jaar oud was? Ik niet! Had u geweten dat het kon toen u 11 jaar oud was? Ik niet! Nou, Lars dus wel! Want daar stond hij en daar kwam zijn verhaal: hij wil een jongerenraad! Wat een goed doordacht pleidooi vertelde hij! Hij vertelde niet alleen dat hij een jongerenraad wil, maar ook hoe. Overal had hij al over nagedacht: van welke leeftijdsgroep tot hoe vaak ze bij elkaar komen, van de samenstelling tot de begeleiding vanuit de gemeente. Alle partijen reageerden enthousiast en Lars kon terug naar zijn stoel met een toezegging van de burgemeester dat er contact met hem wordt opgenomen om te kijken “wat we met z’n allen kunnen bereiken”. Fantastisch Lars!

En daarmee was het nog niet klaar. Want stel, je bent 15, je heet Merle en je vindt ook wat. Bij het agendapunt over het MFA in Diepenheim stond de 15-jarige Merle daar. Wauw! Wát een strak verhaal hield zij! Binnen twee minuten wist zij samen te vatten waar het MFA voor stond en hoe belangrijk een MFA is – juist ook voor jongeren. Wat een pleidooi en wat goed verteld! Ook zij krijgt, net als Lars, van de bomvolle raadzaal een dikverdiend, luid applaus. Ik voel me trots op deze jongeren!

Herinnert u zich de 10-jarige Wim nog? Wim die kwam pleiten voor een pumptrack (een bochtig/heuvelachtig parcours voor bikers, skaters, steppers). Dat wordt nu opgepakt! Het MFA van Diepenheim van Merle stond meningvormend op de agenda, maar kon met de klap van de hamer ter plekke worden afgetikt omdat de hele raad het zo’n goed plan vond. En de jongerenraad van Lars: die heeft ook de toezegging te worden opgepakt. Wauw: Wim uit Markelo, Lars uit Delden en Merle uit Diepenheim, wat hebben jullie het goed gedaan! En dat zeg ik echt niet omdat ik het zo schattig vind als jongeren van zich laten horen. Ze komen gewoon écht met goede plannen!

Vier jaar geleden pleitte In Beweging ervoor om scholen meer te betrekken bij de politiek. Dat voorstel kreeg bijval en resulteerde in Democracity: klassen brengen een bezoek aan het gemeentehuis en gaan daar politieke partijen vormen en stemmen over het bouwen van een stad. Wat een succes is dat project! Regelmatig hebben we klassen op bezoek in de raadzaal en vooral nu bij de aankomende gemeenteraadsverkiezingen is de agenda volgeboekt! Als raadslid mag ik dan regelmatig vragen beantwoorden van kinderen: wat stellen ze toch goede vragen en wat komen ze toch met goede ideeën! De ideeën van Wim, Lars en Merle zijn opgepikt. Zij laten van zich horen, zij maken verschil! Daar mogen we met z’n allen apetrots op zijn! Samen kan het!

Marianne Hutten,
fractievoorzitter In Beweging

Rob Jetten geflankeerd door Henri Bontenbal en Dilan Yesulguz in Nieuwspoort.

Samen kan het! (Of toch niet?)

Ik weet niet of u de plannen van het nieuwe kabinet Jetten-1 een beetje heeft gevolgd, maar ik heb er gemengde gevoelens over. We moeten langer doorwerken, de multinationals en superrijken worden belastingtechnisch weer ontzien, de hypotheekrenteaftrek blijft ongewijzigd en het eigen risico in de zorg gaat omhoog. Zo lijkt het toch echt op een VVD-kabinet, waarbij de extra lasten weer bij Jan Modaal terechtkomen. Mirjam Bikker van de Christen-Unie typeerde het zelfs als een ‘uitgestoken hand met een granaat erin!’

Ik heb – als raadslid – de plannen een beetje bekeken door een ‘gemeentebril’ en wat mij opvalt is dat vooral de gemeenten ‘aan de slag’ moeten. Met versoepeling van regels voor woningbouw, huisvesting van statushouders, aanpak leerachterstanden, handhaving fatbikes en zo kan ik nog wel even doorgaan. Met de huidige personeelskrapte op het gemeentehuis wordt dat een hele uitdaging!

In het hele regeerakkoord wordt – met uitzondering van de jeugdzorg – met geen woord gerept over een verhoging van de rijksbijdrage aan de gemeenten. We hebben het al jaren over het komende ‘ravijnjaar’, waarin de gemeente het huishoudboekje niet meer rond kan krijgen. Helaas heeft ook dit nieuwe kabinet geen uitgestoken hand met structureel geld erin. Dus wederom: wel taken, geen knaken. Het goede nieuws is dat dit kabinet daadwerkelijk iets gaat doen aan preventie. Op het gebied van gezondheid, voorkoming van schulden en mentale gezondheid bij de jeugd worden stappen gezet en dat stemt mij tot vreugde. In een land waar zelfs inwoners met een baan naar de Voedselbank moeten om rond te komen, is dat ook met recht broodnodig.

Deze vooruitzichten maken mij blij omdat ze naadloos aansluiten op de plannen in het verkiezingsprogramma van PvdA-GroenLinks-In Beweging. Ik vind het dan ook een goede basis om samen met alle partijen te werken aan een raadsakkoord. In dit raadsakkoord willen we – het liefst met alle partijen – komen tot een gezamenlijke agenda voor de komende 4 jaar (en liefst nog iets verder).

Conclusie: Ik ben een optimist en constructief ingesteld, dus voor mij is het glas halfvol. Samen moet het toch kunnen, denk ik dan.

Onno Bordes
Nr. 2 op de lijst PvdA-GroenLinks-In Beweging

Foto copyright: Koen van Weel / ANP

De buurt als medicijn

Stel u krijgt de vraag: wat zijn de grootste gezondheidsgevaren?

U mag kiezen uit: weinig sociale steun, sociale isolatie, roken, eenzaamheid, weinig bewegen, te veel alcohol, overgewicht en luchtvervuiling. Grote kans dat uw top drie bestaat uit roken, alcohol en overgewicht. Logisch, want dat zijn de clichés die we kennen: zwarte longen, dichtgeslibde aderen en hoge bloeddruk. Maar verrassing: de lijst staat eigenlijk al in de juiste volgorde. Sociale factoren zijn het grootste risico voor onze gezondheid. Nog vóór roken, alcohol en overgewicht. Eenzaamheid en een gebrek aan een sociaal netwerk zijn zelfs dodelijker dan menig sigaretje. Maar heel eerlijk, het is makkelijker om te zeggen ‘beweeg meer’ dan dat je zegt ‘breid je netwerk uit’.

Campagnes tegen roken zijn overal. We worden aangespoord te bewegen en een gezonde leefstijl na te streven. Prima, allemaal belangrijk. Maar gezondheid is niet alleen een kwestie van persoonlijke discipline. Mensen met weinig sociale steun zitten vaak in een permanente stressmodus. Niemand om hun zorgen mee te delen, niemand die merkt dat het niet goed gaat, en zeker niemand die een handje helpt als het leven tegenzit. Stress knabbelt direct aan lichaam en geest. De focus bij gezondheid op het individu verhult de echte oorzaken.

De echte boosdoener is onze omgeving. Natuurlijk niet onze vrienden en kennissen, in tegendeel, wel hoe onze buurt eruit ziet. Afgelopen decennia verdwenen veel buurthuizen, ontmoetingsplekken zijn wegbezuinigd of commercieel geworden. In wijken die vanaf de jaren ’80 gebouwd werden was efficiëntie belangrijker dan gezelligheid. Groen, ontmoetingsplekken, café’s, winkeltjes, alles wat het leven een beetje leuker maakt, kreeg weinig aandacht. Daarom is het niet zo vreemd dat in veel vinex-wijken mensen vaker eenzaam zijn dan in stadscentra, waar wonen, werken en uitgaan samenkomt. Eenzaamheid is geen natuurwet; het is dus een politieke keuze.

Wie gezondheid serieus neemt, moet verder kijken. Maatjesprojecten zijn mooi, maar onvoldoende. Gezondheid is geen individuele hobby, het is een collectieve onderneming. Hier ligt de grootste kans op winst: samen. Wat moeten we doen? Wij willen volop inzetten op leefbare buurten, waar je makkelijk in contact komt met anderen. We willen investeren in buurthuizen. Zorgen voor gezamenlijke groene ruimtes zoals buurtmoestuinen. Het verenigingsleven versterken. Het oprichten van coöperaties stimuleren in bijvoorbeeld zorg, kinderopvang en energie. En wijken bouwen met ontmoetingsplekken, meergeneratiewoningen en hofjes.

Want eerlijk is eerlijk: samen is het veel gezelliger. En het schijnt zelfs gezonder te zijn.

Eveline Kroes
Lijsttrekker PvdA, GroenLinks en In Beweging